|
Kies een doelstelling Weet welke doelstelling je met je film hebt. Anders gezegd: wat wi; je er mee bereiken? Wil je informatie geven, de kijker vermaken, instructie geven, voorlichten, opiniëren, reclame maken, etc. Een film kan meerdere doelstellingen hebben. Je doelstelling bepaalt mede de vorm en de invalshoek
Een goed onderwerp Hoe vind je nou een goed onderwerp? Dat is van een aantal zaken afhankelijk:
- wie is je doelgroep? Voor kinderen kies je mogelijk andere onderwerpen dan voor middernstanders of studenten - wat is je medium? Als je een film maakt voor stadjerstv is het makkelijk: alle onderwerpen zijn geschikt. Maar als je een film maakt voor een nieuwsbulletin moet het een actueel onderwerp zijn, het nieuws van de dag. Mocht je je film kunnen slijten aan Animal Planet hoeft het niet per sé het nieuws vand e dag te zijn, maar moet het wel weer over dieren gaan.
Kies een geschikte invalshoek Dit is het moeilijkste van het maken van een film: het kiezen van een goede invalshoek (en je daar aan te houden!).Want je bent er niet als je een goed onderwerp hebt. de volgende stap is dan: wat vertel jij over dat onderwerp. Om te weten of je een goede invalshoek hebt gekozen zijn er een paar trucjes:
- je moet in 1 zin (zonder komma's) kunnen zeggen waar je film over gaat
- je moet je invalshoek in de formule A leidt tot B kunnen passen. Bijvoorbeeld: je maakt een film van 3 minuten over een kookwedstrijd. Dan kun je het hebben over de deelnemers, over de verschillende gerechten, over het materieel, over heel veel dingen. Te veel om allemaal in een 3-minutenfilmpje te proppen. Een invalshoek helpt je te schiften. Stel je ziet dat één der deelnemers alleen maar oud-Hollandse groenten als schorseneren en raapstelen gebruikt. Dan kun je een invalshoek kiezen: 'Gebruik van oud-Hollandse groenten leidt tot bijzondere gerechten bij kookwedstrijd'. En als diegene ook nog eens wint heb je de invalshoek: 'Gebruik oud-Hollandse groenten leidt tot winst bij kookwedstrijd'. Je hebt het dan niet over dat een andere kok verscheen in een roze-groen gestreept kokstenue, of dat een deelnemer alle pannen van het vuur donderde waardoor een andere deelnemer uitgleed, etc.
- de derde mogelijkheid is om de invalshoek te verwoorden in een 'centrale vraag': 'Wat leidt tot winst in de kookwedstrijd?' Zeker als je ergens heen gaat waar de uitkomst nog nog niet geheel zeker is zoals een wedstrijd is dit een handige manier.
Hoe vind je een goede invalshoek Stap 1: je hebt je onderwerp, dan ga je associëren. Wat heeft allemaal te maken met dat onderwerp.
Stap 2: je gaat researchen: in het geval van de kookwedstrijd informeer je van te voren wat je kan verwachten: hoeveel deelnemers, zijn hier bijzondere deelnemers bij, wat voor manieren van koken, kennen ze de deelnemers en weten ze al ongeveer wie zou kunnen gaan winnen (makkelijk, want dan weet je op wie je je kan richten), etc. Hoe meer je weet hoe beter je een goede, interessante invalshoek kan kiezen.
Een goed begin Een kijker besluit in de eerste 10 seconden of hij naar je filmpje blijft kijken of hem wegklikt. Dat betekent dat je film een pakkend begin moet hebben. Begin bijvoorbeeld met een raadsel: een beeld of scene die de kijker niet onmiddellijk begrijpt, waardoor hij blijft kijken omdat hij graag het raadsel opgelost wil zien.Een manier om spannend te beginnen is om niet gelijk alles te laten zien, en/of te laten horen. Zo kun je bijvoorbeeld als eerste beeld een close opname te nemen. Je kunt dan niet zien wat het precies is en waar het zich bevindt. Ook kun je een raadsel oproepen door onder je beginbeeld(en) een daar niet bij behorend geluid te laten horen. Of door te beginnen met korte, pakkende uitspraken van sprekers die later uitgebreid aan het woord komen. Ofwel: niet gelijk alles weggeven, maar de kijker 'lekker' maken en verleiden langer te blijven kijken.
Elk shot geeft nieuwe informatie Zorg ervoor dat alle shots die je in je film gebruikt nieuwe informatie bevatten. Tenzij je opzettelijk de kijker in herhaling wilt laten vallen natuurlijk.Maar zo niet dan verwacht een kijker elk shot iets nieuws. Als dit niet gebeurt ervaart hij het filmpje als saai, langdradig, spanningsloos. Een natuurfilm met alleen maar mooie plaatjes van bossen, beken en bergen waarin verder niets 'gebeurt', kan goed dienen als beeldbehang. Dit betekent dus dat je van elk volgend shot kan afvragen wat het toevoegt aan het vorige.
Elk shot heeft zijn eigen lengte Hoe lang een shot moet blijven staan hangt af van zijn beeldinhoud: wanneer heeft de kijker gezien wat hij moest zien? Als je bijvoorbeeld iemand uit beeld laat lopen, hoe lang laat je het shot dan nog staan? Zodra de persoon uit beeld is gaat de kijker namelijk het beeld afscannen om te zien of er nog iets gebeurt.
Handmatig scherpstellen Als je een stilstaand object filmt, en je wilt niet het risico lopen dat je camera terwijl hij in de automatische stand staat blijft zoeken om scherp te stellen (wat vaak gebeurt als je in niet goed verlichte omgevingen filmt) dan kun je beter handmatig gaan scherpstellen.
Twee manieren: Zoom op de automatische stand helemaal in op het object, zet de camera dan op handmatig (zodat hij de scherpte vasthoudt die hij in de automaatstand gevonden had), en zoom uit naar het gewenste kader. Zet de camera in de handmatige stand, zoom helemaal in op het object, stel handmatig scherp en zoom uit naar het gewenste kader.
Handmatig belichting instellen Dit werkt eigenlijk net zo als bij het handmatig scherpstellen: inzoomen, op de juiste belichting zetten (of door de camera in zijn automaatstand laten zetten), en uitzoomen naar gewnst kader.
'Een natuurlijk statief' Als je geen statief bij de hand hebt en toch een steady shot wilt maken, kun je voorwerpen gebruiken zoals stilstaande auto's, een fiets, paaltjes, de grond, de stam van een boom, etc. Zeker als je wilt inzoomen met een kleine handycam is het fijn om de camera ergens op te hebben staan.
|